Marc & Mandy
“Je moet er staan. Punt.” In de forensische zorg is dat geen uitspraak, maar de realiteit van elke dag. Voor Marc en Mandy, allebei afdelingshoofd binnen de kliniek Forensische Zorg van Mondriaan, draait het werk om lef, menselijkheid en samenwerken. Niet als ideaalbeeld, maar als harde voorwaarde.
In dit verhaal vertellen ze eerlijk over het werk, de uitdagingen en wat het vraagt van de mensen die er elke dag staan.
Geen idealistisch sausje
“Kun je echt aanwezig zijn, ook als het lastig wordt? Dan ben je hier op je plek”, zegt Marc zonder aarzeling. “Opgeven is geen optie”, vult Mandy aan. Het typeert hun manier van werken: geen grote woorden en geen idealistisch sausje. Gewoon elke dag opnieuw laten zien wat het betekent om stevig te staan.
De mens achter het delict
“Het draait om de mens, niet om het delict”, gaat Marc verder. “We kijken naar de forensische patiënt als persoon en helpen iemand zo goed mogelijk terug te keren in de maatschappij. Dit worden straks jouw buurman of buurvrouw. Dan wil je toch dat dat een prettige buur is? De delicten zijn belangrijk, maar uiteindelijk gaat het om de mens erachter.
“Dat betekent overigens niet dat je alles zomaar gelooft”, zegt Mandy. “Soms word je gewoon om de tuin geleid. Daar moet je niet te moeilijk over doen. Je wilt iemand het voordeel van de twijfel geven, maar er zijn altijd mensen die daar misbruik van maken.”
Open het gesprek in
Toch verandert dat niets aan de basis. Mandy: “Je gaat elke keer weer open het gesprek in, ook al is het de honderdste keer.” Soms zegt ze dat ook letterlijk tegen een patiënt: “Je maakt het me nu wel heel moeilijk. Ik wil graag in je blijven geloven maar je hebt me al tien keer in de maling genomen… toch ga ik het weer doen. Wil jij mij dit keer ook het voordeel van de twijfel geven? En dan zie je wat er gebeurt. Geen oordeel, wel duidelijkheid. Dat vraagt ook iets van de patiënt. Naast een psychiatrisch ziektebeeld is er ook vaak sprake van een lange geschiedenis in de hulpverlening met alle teleurstellingen die daarbij horen. Maar die intrinsieke motivatie om te veranderen moet er wel zijn.”
Er zijn is niet onderhandelbaar
Spiegel
“Het werk houdt je ook een spiegel voor", vertelt Mandy. Misschien draait het nog wel meer om jezelf dan om de ander. Ik dacht bijvoorbeeld dat ik geen vooroordelen had. Nou, in mijn eerste week hier kwam ik erachter dat ik er juist heel veel had. Achteraf kan ik erom lachen, maar toen vond ik dat echt niet leuk.
Ook je eigen grenzen blijken soms minder stevig dan je dacht. Je denkt dat je ze goed kunt bewaken, maar dan stapt iemand er binnen vijf minuten overheen en heb je het niet eens in de gaten.”
Marc knikt. “Dan kom je erachter dat je eigenlijk best naïef bent. Tegelijkertijd maakt dat het werk ook enorm uitdagend. Iedere dag gebeurt er wel iets nieuws en iedere dag leer je weer bij.”
Lef in kleine én grote momenten
“Je voelt je grens, je spreekt hem uit én je handelt ernaar”, zegt Marc. “Doe je dat laatste niet, dan ben je weg. Dan verlies je niet alleen de patiënt, maar ook je collega’s.
Dat lef zit niet alleen in grote situaties, maar juist ook in kleine momenten. Stel: iemand komt twee minuten te laat voor de lunch en eist dat hij alsnog mag aanschuiven. Als je één keer ja zegt, komt morgen misschien iedereen te laat. Maar zomaar nee zeggen is ook niet genoeg. Je weet niet wat er speelt. Misschien heeft iemand net slecht nieuws gehad. Misschien had diegene gewoon lak aan de regels.
Dus wat doe je? Je haalt iemand even uit de situatie. Niet om te straffen, maar om te begrijpen. Even stilstaan. Vragen stellen. Kijken wat er echt speelt. En dán beslissen. Je balanceert voortdurend tussen menselijkheid en regels. Alleen regels volgen, zonder de mens te zien, werkt hier niet.”
Nooit alleen
Bij escalaties wordt het scherper. “Je moet blijven staan want als je ook maar één krimp geeft, ben je weg,” zegt Marc.
Mandy knikt: “Achteraf kunnen we alles bespreken, maar op het moment zelf sta je er. Standvastigheid en samenwerking gaan hand in hand: je staat stevig, maar nooit alleen.
Als het spannend wordt, verdwijnt hiërarchie. Dan zijn we gewoon collega’s. Eén team, één taak. Als ik een deur moet openhouden, doe ik dat. Als ik met een patiënt over de grond moet rollen, doe ik dat ook. Functies doen er dan niet meer toe. Het enige wat telt is dat iedereen veilig thuiskomt. Dat geldt overigens ook bij de alledaagse uitdagingen. Er zijn is niet onderhandelbaar. Ook als iemand een rotnacht heeft gehad, of thuis ruzie heeft. Dan ben je er nog steeds.”
Marc: “Je staat pal naast je collega’s. Je vangt iemand op als die huilt. En je klapt als iemand iets bereikt. Voor minder doen we het niet.”
Wie hier werkt, weet dat je er nooit alleen voor staat
Vertrouwen
“Het werk vraagt iets wat moeilijk uit te leggen is”, gaat Marc verder. “Je moet horen wat niet wordt gezegd. Alles wat tussen de regels gebeurt - lichaamstaal, sfeer, kleine signalen - is eigenlijk 24 uur per dag onze hoofdzaak.
Niet iedereen past hier. Je moet levenservaring hebben, een gevulde rugzak. Maar wel op de juiste manier. Niet wereldvreemd. Niet iemand die denkt dat hij iedereen kan redden. Dat is niet onze taak. We zijn hier niet om mensen te redden.”
Mandy: “Vertrouwen is cruciaal, maar altijd in combinatie met controle."
Groei gunnen en trots delen
“Een goed team gaat verder dan elkaar helpen. Het betekent ook dat je elkaar iets gunt”, zegt Mandy. “Een kans die je misschien zelf ook graag had gehad.
Marc: “Dat je zelf een stap terug doet, zodat een ander kan groeien. En daar trots op bent.”
Het grijze gebied binnen de zwarte kaders
Het werk in de forensische zorg zit vol dilemma’s en keuzes die niet zwart-wit zijn.
Marc vat het samen: “Het grijze gebied binnen de zwarte kaders.”
Mandy: “Ja, dat is het. Daar draait het om: elke dag opnieuw de balans vinden. Continu afwegen, keuzes maken en toch menselijk blijven. Dat is wat dit werk echt bijzonder maakt.”
Marc sluit af: “Wie hier werkt, weet dat je er nooit alleen voor staat. De vraag is: sta jij er?”